Dakgoot plaatsen: zo doe je het stap voor stap

Een dakgoot plaatsen doe je door de beugels op de juiste hoogte en met het juiste afschot te monteren, de gootdelen in te klikken of te lijmen en de afvoer aan te sluiten. Met de juiste voorbereiding en materialen is dit een klus die je als doe-het-zelver prima zelf kunt uitvoeren op een vrije dag.

Wat heb je nodig voordat je begint?

Voordat je de eerste beugel inslaat, meet je eerst de lengte van de dakrand. Zo weet je hoeveel gootdelen, beugels, hoekstukken en afvoerpijpen je nodig hebt. Koop altijd iets meer dan je berekend hebt: bij een fout in de lengtemaat of een beschadigd onderdeel heb je direct een reserve.

Dakgoten zijn verkrijgbaar in kunststof (PVC), zink en aluminium. Kunststof is het meest gebruikt voor particuliere woningen: het is licht, goedkoop en makkelijk te verwerken. Zink gaat langer mee maar vraagt meer vakkennis om te monteren. De meest gangbare profielen zijn halfround en rechthoekig (kastgoot). Kijk welk profiel past bij de stijl van je huis en wat er al aanwezig is.

Afschot bepalen: de meest gemaakte fout

Het afschot is de lichte helling die je in de goot aanbrengt, zodat regenwater automatisch naar de afvoer stroomt. Een te vlakke goot staat vol water en gaat eerder lek; een te steile helling valt op en werkt ook minder goed. De vuistregel is een helling van 2 tot 5 millimeter per lopende meter, richting de afvoer.

Bepaal het afschot als volgt: markeer de hoogste positie van de goot direct onder de dakrand (de beginpositie, het verst van de afvoer). Bereken hoeveel millimeter lager het eindpunt van de goot moet liggen. Bij een gootlengte van 6 meter en een afschot van 3 mm/m leg je het eindpunt dus 18 mm lager. Trek een strakke snoer of meetlint tussen begin- en eindpunt. Alle beugels monteer je langs deze lijn.

Dakgoot plaatsen: het stappenplan

  • Stap 1: eerste en laatste beugel monteren. Schroef de eindbeugel (bij de afvoer) op de juiste hoogte onder de dakrand. Zorg dat de voorkant van de beugel iets lager staat dan de dakbedekking, zodat water de goot in loopt en niet erover heen. Schroef daarna de beginbeugel op het hoogste punt.
  • Stap 2: snoer spannen. Span een touw of nylonlijn strak tussen de twee beugels. Dit is je richtlijn voor alle tussenliggende beugels.
  • Stap 3: tussenliggende beugels plaatsen. Monteer de overige beugels langs de gespannen lijn. Houd een onderlinge afstand aan van maximaal 60 tot 70 centimeter. Bij een langere afstand kan de goot doorbuigen onder het gewicht van water en bladeren.
  • Stap 4: gootdelen plaatsen. Klik of schuif de gootdelen in de beugels. Bij kunststof goot houd je rekening met uitzetting door warmte: laat bij elke koppeling een kleine ruimte van 5 tot 10 mm voor de verbindingsstuk of mof. Gebruik de aanbevolen lijm of verbindingsmof van het merk dat je gebruikt.
  • Stap 5: eindkappen en hoekstukken monteren. Sluit de uiteinden van de goot af met eindkappen. Gebruik voor hoeken een speciale hoekverbinding; probeer nooit een rechte goot om te buigen.
  • Stap 6: afvoer aansluiten. Bevestig het uitlaatstuk (de gootuitloop) boven de plek waar de afvoerpijp komt. Verbind de afvoerpijp met klemmen aan de gevel, minstens om de 1,5 à 2 meter. Leid het water af naar de grond, het riool of een regenton.
  • Stap 7: testen. Giet een emmer water in het hoogste punt van de goot. Loop de goot na en controleer of het water soepel naar de afvoer stroomt en of er nergens lekkage is bij verbindingen of kappen.

Veelgemaakte fouten bij het plaatsen van een dakgoot

De meest voorkomende fout is een verkeerd afschot, waardoor water in de goot blijft staan. Dit trekt muggen aan en versnelt de slijtage. Controleer het afschot altijd met een waterpas voor je de tussenliggende beugels monteert.

Een andere fout is beugels te ver uit elkaar plaatsen. Plastic goten zijn lichter dan zink maar kunnen bij een te grote tussenruimte gaan hangen, zeker in de winter als er ijs in de goot komt. Houd de 60 centimeter grens aan en ga bij zware regenpijpen naar 50 centimeter.

Let ook op de positie van de goot ten opzichte van de dakrand. Als de goot te laag hangt, waait sneeuw en water erover heen. Hangt hij te hoog, dan loopt het dak ertegenaan. De bovenkant van de goot moet iets onder de verlengde daklijn liggen, zodat water er altijd in valt.

Zelf doen of een vakman inschakelen?

Een kunststof dakgoot op een gewone rijtjeswoning is goed zelf te doen als je niet hoogtevrees hebt en veilig op een ladder of steiger kunt werken. Zinkwerk vraagt om soldeervaardigheden en is minder geschikt voor doe-het-zelvers zonder ervaring. Heb je een hoog of complex dak, of gaat het om een grote vrijstaande woning met meerdere gevels? Dan is het verstandig een dakdekker of gootspecialist in te schakelen, zeker als ook het dakbeschot aan vervanging toe is.

Controleer na plaatsing elk najaar of de goot vrij is van bladeren en puin. Een schone goot werkt beter, gaat langer mee en voorkomt waterschade aan de gevel en het fundament.